Carrière

Joe Berry werd geboren op 28 februari 1920 in 55 Ramsey Str., Cassop-cum-Quarrington,Tursdale, waar zijn vader mijningenieur was. Toen hij drie jaar was verhuisde het gezin naar 3 Elmfield Terrace, Morpeth bij Alnwick in Northumberland. Op zijn twaalfde jaar kreeg hij een studiebeurs voor de Duke Grammar school te Alnwick. Hierna ging hij werken voor de overheid. Bij het uitbreken van de oorlog was hij werkzaam bij de inkomstenbelasting. In 1940 meldde hij zich bij de RAF en werd toegelaten tot de vliegeropleiding. Op dat moment was de Battle of Britain op zijn hoogtepunt. In dezelfde maand, augustus 1940 verloofde hij zich met Joyce Margarett Breatt. In 1940, na de eerste solovluchten, werd hij piloot op een Miles Master en in mei 1941 vloog hij de Hawker Hurricane.
 

55 Ramsey Str.  Cassop cum Quarrington (©Paul Dawe)

Hierna volgde zijn bevordering tot Sergeant en werd hij ingedeeld bij het 256e squadron te Squires Gate bij Blackpool. Dit was een nachtjagersquadron, uitgerust met de Boulton Paul Defiant., een éénmotorige jager met een rugkoepel met vier mitrailleurs en een bemanning van twee koppen. De Defiant was ongeschikt gebleken als jager in mei 1940 bij de inval door de Duitsers in Belgie en Frankrijk. Slechts als nachtjager deed het toestel nog dienst bij de weinige nachtjagersquadrons.
In maart 1942 trouwden Joe en Joyce, waarna de overige maanden van 1942 voorbij gingen met het volgen van de ene cursus na de andere. Gedurende deze tijd vloog Joe ook met de Oxford en met de Blenheim. In de loop van de tijd verving men de Defiants door de tweemotorige Beaufighters.

Eind 1942 was Joe een volleerd nachtjagerpiloot en in maart 1943 werd hij overgeplaatst naar het Middellandse Zeegebied. Samen met zijn navigator, Ian Watson uit NewCastle werd hij ingedeeld bij het 153e squadron te Maison Blanche in Algiers.
In mei 1943 werd Joe overgeplaatst naar het 255e squadron dat in Frans Marokko gestationeerd was. Toch werd geen enkel vijandelijk vliegtuig neergehaald. In september werd het squadron overgeplaatst naar de vliegbasis Bo Rizzo op Sicilie en op de avond van de 13e september schoten Joe en zijn navigator in de omgeving van Salerno een Junckers JU-88 neer Op 30 september volgde de tweede overwinning, een Messerschmidt ME-210 en een maand daarna weer een JU-88.
Hierna werden zij weer in Engeland gestationeerd op de basis Wittering. In maart 1944 kreeg hij zijn DFC voor het neerschieten van drie vijandelijke vliegtuigen. Na zijn bevordering tot Flight Lieutenant kwam hij bij de 'F' flight van het 150e Wing in Folkestone, Kent. Deze eenheid, die bestond uit het 3e, het 56e en het 486e squadron, was uitgerust met de nieuwe Hawker Tempest.
In juni 1944 werd deze FIU, Fighter Interception Unit, ingezet tegen de vliegende bommen die dagelijks overkwamen. Eerst vloog de FIU overdag maar later ontdekten ze dat ze de raketten beter 's nachts konden aanvallen.

( In een radio-opname voor de BBC vertelde Joe het volgende :
(klik hier voor de Engelse versie. (1,8 Mb) "Hoewel we de bommen 's nachts op grotere afstand konden waarnemen, was het erg moeilijk in te schatten wat de afstand was. Het kostte ons enige tijd om dat uit te zoeken. We deden dat door naast een relatief langzame bom te vliegen en ons later te herinneren hoe hij eruit zag."

 

"We patrol at between 5 and 6000 feet, that's about 3000 feet higher than the path of the average flying bomb. The first thing we usually see is a small light rather hard to distinguish from a star coming in from the sea, then the search lights light up and point out the direction from which the bomb is coming. The guns go into action and we wait for the bombs that get through the gun belt, as soon as we spot a bomb that's run the gauntlet successfully we make a diving turn and go down after it, finishing our dive just behind the bomb and opening fire at a range of about 250 yards.

The doodlebug doesn't go down easily it will take a lot of punishment and you have to aim at the propulsion unit, that's the long stove pipe as we call it on the tail, if your range and aim are dead on you can see pieces flying of the stove pipe the big white flame at the end goes out and down goes the bomb. Sometimes it dives straight to earth, but other times it goes crazy and gives a wizard display of aerobatics before finally crashing, Sometimes the bomb explodes in mid air and the flash is so blinding that you can't see a thing for about 10 seconds, you hope to be the right way up when you are able to see again, because the explosion often throws the fighter about, and some times turns it upside down.

One bomb that I have tacked caught fire, and started to dive onto a lighted aerodrome. I closed in behind and opened fire at about 100 yards giving it a long burst with my cannons, the bomb blew up much to the relief of the flying control officer who was watching it on the aerodrome. Fragments of the bomb were blown into my aircraft and one went into the air intake, jamming the throttle, which was almost wide open. I went home at full speed weather I liked it or not. Fortunately I managed to get down safely."

© Graham Berry and
Christer Landberg / Broadcast by BBC on Tuesday, May 15th 1945

Later werd met behulp van zoeklichten een succesvol systeem opgezet om de bommen neer te halen. In juli 1944 werden in totaal door verschillende vliegers 146 V-1's uit de lucht geschoten.
De eerste twee ontmoetingen met de V-1 liepen op niets uit maar de derde keer was het raak. In drie vluchten in ‚‚n nacht schoot Joe twee bommen neer. Men ging nu uitzoeken wat de methode was om de afstand tussen de Tempest en de V-1 nauwkeuriger vast te stellen.

Joe vertelt: "De jetvlam verandert wanneer we de afstand tot de bom verkleinen. Eerst zie je het bekende lamp-effect en daarna zie je de roodgloeiende jetpijp, door het schijnsel van de lamp heen. Nu konden we het silhouet van de bom goed onderscheiden. De bom vloog niet meer dan ongeveer 90 meter voor ons. Dan drukken we op de afvuurknop en een verblindende flits volgt. De bom ontploft en wij vliegen dwars door de explosie heen".
In de nacht van 23 juli schiet Joe Berry zeven V-1's neer en ontwikkelt hij zich tot de grootste V-1 specialist van de oorlog. Op 4 augustus krijgt hij zijn eerste balk bij het DFC.
Op 10 augustus 1944 wordt hij gepromoveerd tot 'squadron-leader' en geplaatst bij het 501e squadron op de vliegbasis Manston. Deze eenheid werd ook geplaatst onder de FIU en had slechts drie doodlebugs kunnen neerhalen in 200 vluchten in de eerste 10 dagen van augustus 1944.
Na de overname van het squadron door Joe Berry was aan het eind van de maand de score tien keer zo hoog.

Zijn zuster Ivy, nu Mrs. Ivy Birts, vertelt het volgende over Joe in die dagen:
In twee jaar tijd was hij snel ouder geworden. Hij zag eruit alsof hij ruim 30 jaar was, terwijl hij 24 was. Er waren tijden dat hij wel 48 uur doorging met het jagen op vliegende bommen. Op een dag is hij in slaap gevallen en weer wakker geschrokken toen hij bijna in de kabels van een versperringsballon vloog. In augustus 1944 ontmoette ik hem in Nottingham. Hij zag er bijzonder slecht uit en ik vroeg hem of hij soms jacht maakte op de V-1's. Verbaasd antwoordde hij, gaf het toe en zei tegen mij, dat ik het geheim moest houden, omdat het vliegtuig nog op de geheime lijst staat.
Ik zei tegen Joe dat dit onmogelijk waar kon zijn omdat het vliegtuig ook al in de krant genoemd was. Hierop antwoordde hij dat het type bij de Duitsers bekend was als dagjager en dat deze niets wisten van zijn rol als nachtjager. Hierna vroeg Joe mij, hoe ik erachter was gekomen dat hij jacht maakte op de doodle-bugs. Ik vertelde hem dat hij in zijn brieven nooit meer sprak van zijn waarnemer en eigenlijk helemaal geen nieuws meer bevatten. Dus vermoedde ik een eenpersoonsjager. Nadat ik had gehoord dat er in het Parlement vragen waren gesteld over de identiteit van de piloot die zoveel V-1's neerhaalde, gecombineerd met zijn vermoeid uiterlijk, trok ik de conclusie dat het mijn broer Joe moest zijn.